onderhuurovereenkomst

Mr. J.H. Kolenbrander - Franchise advocaat

In franchising komt het veelvuldig voor dat het bedrijfspand, van waaruit de franchisenemer zijn onderneming exploiteert, niet het eigendom is van de franchisenemer, maar wordt gehuurd van de franchisegever. Vaak huurt de franchisegever het bedrijfspand op haar beurt weer van een andere partij. Als de huurovereenkomst tussen de franchisegever en de (hoofd)verhuurder komt te beëindigen, dan zal de franchisenemer in bepaalde gevallen zelf de huurverplichtingen op zich willen nemen.

Mr J.M. Smits-de Rave - Franchise advocaat

Het komt nog al eens voor dat een franchisegever zorg draagt voor het vinden van een geschikte huurlocatie voor franchisenemer om zijn bedrijf in te exploiteren, alvorens partijen een franchiseovereenkomst aangaan. Franchisegever zal bij de huurovereenkomst met de verhuurder graag willen gelden als huurder naast de franchisenemer als onderhuurder. Het Burgerlijk Wetboek biedt een huurder namelijk verdergaande bescherming dan een onderhuurder.

Mr Th.R. Ludwig - Franchise advocaat

Zoals bekend is het huurrecht voor een groot deel onderworpen aan (semi) dwingend recht. Dit betekent dat verhuurder en (onder)huurder gebonden zijn aan het stelsel van de wet waar het betreft tal van rechten en verplichtingen over en weer. Betekent dit echter ook dat er pas een huurovereenkomst tot stand is gekomen wanneer er sprake is van een getekende huurovereenkomst?

Mr A.C. van Engel - Franchise advocaat

Huurovereenkomsten met betrekking tot middenstandsbedrijfsruimte worden veelvuldig beëindigd met behulp van de opzeggingsgrond dringend eigen gebruik. In veel gevallen wil de verhuurder/franchisegever het gehuurde vervolgens voor een gelijksoortig bedrijf gaan gebruiken. In de huurbeëindigingsprocedure wordt door de huurder/franchisenemer soms aangevoerd dat verhuurder/franchisegever een vergoeding moet betalen in verband met de goodwill die de huurder/franchisenemer bij het beëindigen van de huurovereenkomst ter plaatse zal achterlaten.

Mr A.C. van Engel - Franchise advocaat

Artikel 7:224 van het Burgerlijk Wetboek bepaald dat de huurder het gehuurde aan het einde van de huurovereenkomst weer moet teruggeven aan de verhuurder. Daar bij huur van bedrijfsruimten veelal sprake is van een lange looptijd, kan bij de oplevering van het gehuurde aan het einde van de huurovereenkomst gemakkelijk een verschil van mening ontstaan over de wijze waarop en de staat waarin het gehuurde aan de verhuurder moet worden teruggeven.

Mr A.C. van Engel - Franchise advocaat

In deze rubriek is eerder geschreven over “franchisegever in moeilijkheden” en in aansluiting daarop, “Wat te doen als het faillissement een feit is?”. In deze bijdrage wil ik specifieker ingaan op de mogelijkheden van verrekening van vorderingen in faillissement.

Mr. P.H. Huth - Franchise advocaat

Indien u - in uw hoedanigheid van franchisegever - uw franchiseformule wenst uit te breiden dienen van tevoren een aantal zaken vooraf deugdelijk te zijn geregeld. Natuurlijk dient u te beschikken over een franchiseovereenkomst die voldoet aan de nationale en Europeesrechtelijke regelgeving. Een ander onderwerp dat vóór het aangaan van een nieuwe franchiseovereenkomst mijns inziens op een adequate wijze geregeld dient te zijn is de verhouding tussen franchisegever/verhuurder en franchisenemer/huurder. Op dit laatste onderwerp wil ik nu nader in gaan.

Mr Th.R. Ludwig - Franchise advocaat

Het komt nog al eens voor dat franchisegever en franchisenemer de tussen hun bestaande (onder)huurovereenkomst en franchise-overeenkomst willen koppelen door middel van bedingen die afwijkend zijn met het semi-dwingend huurrecht. In de praktijk wordt dan overeengekomen dat, indien de franchise-overeenkomst wordt beëindigd, daarmee tevens de onderhuurovereenkomst tussen franchisegever en franchisenemer is beëindigd.

Mr Th.R. Ludwig - Franchise advocaat

Anders dan nog wel eens gedacht wordt zijn franchise-overeenkomsten voor onbepaalde duur niet zomaar opzegbaar.

Mr Th.R. Ludwig - Franchise advocaat

In heel wat franchiseovereenkomsten staan regelingen die het einde en de eventuele voortzetting van de bestaande franchiseovereenkomst regelen. Nogal eens wordt in de franchiseovereenkomst opgenomen dat de overeenkomst stilzwijgend onder dezelfde voorwaarden wordt verlengd wanneer geen van partijen, franchisegever of franchisenemer, opzegt. Is een dergelijke regeling onder alle omstandigheden toelaatbaar?

Inhoud syndiceren